11 1
Read Time12 Minute, 3 Second

Is er linkse indoctrinatie in ons onderwijs?

Die vraag speelt al langer en de meningen zijn verdeeld. Velen roepen dat dit onzinnig is, dat het een ‘rechts’ frame is om dit te zeggen. Deze mensen zijn ervan overtuigd dat linkse indoctrinatie op scholen een broodje-aapverhaal is, en ze worden daarin vaak gesteund door media en overheid.

Daarnaast wordt wel eens gezegd: maar ‘links’ is helemaal niet aan de macht in Nederland! De VVD levert al tien jaar de premier en ook daarvoor hadden we vaak een rechts Kabinet. De verschuiving van de definities ‘links’ en ‘rechts’ is een verhaal op zich waard, maar in dit artikel zal ik die termen gebruiken zoals ze meestal gebruikt worden. ‘Links’ is in dit verhaal dus niet de politieke richting die opkomt voor de zwakkeren, maar de term die weergeeft wat het dominante narratief is in Nederland.

Dit narratief is wat in Nederland gangbaar is, wat het meest gehoord wordt en wat het meest acceptabel wordt gevonden. Waaruit natuurlijk volgt dat er ook zienswijzen zijn die minder acceptabel worden gevonden. We praten graag over tolerantie, maar echte tolerantie is lastig omdat het inhoudt dat we over onze eigen vooroordelen heen stappen. We hebben nu eenmaal waarde toegekend aan verschillende meningen en we vinden onze eigen mening beter en logischer.

Als we willen weten of er indoctrinatie is in het Nederlandse onderwijs, moeten we ons in anderen verplaatsen en buiten onze gebruikelijke denkkaders te kijken. Als je het dominante narratief in Nederland aanhangt, is het volkomen logisch dat je geen indoctrinatie ziet. Op school wordt hetzelfde verkondigd als wat jij vindt, dus dat is toch prima? Waar is de indoctrinatie?
En dat is precies het probleem. Zie maar eens wat je eigen vooroordelen zijn, dat is zo ongeveer het moeilijkste wat er is.

Daarom nu een paar voorbeelden om dit toe te lichten.

Politiek in de klas

Het is heel gebruikelijk dat op school aandacht wordt besteed aan klimaatverandering. Het broeikaseffect wordt tot in detail uitgelegd en CO2-uitstoot wordt als een groot probleem gezien.
Gaat het over oplossingen, dan horen kinderen over zon- en windenergie of waterstof, maar vaak niet over kernenergie. Linkse ouders die zich zorgen maken over klimaatverandering en een voorkeur hebben voor bepaalde oplossingen, kunnen tevreden zijn. Hun kinderen krijgen uitgebreide info.

Kijken we naar immigratie, dan zien we dat dit niet als probleem wordt gezien. Kinderen horen op school zelden dat Nederland overbevolkt is. Ze horen wel dat er integratieproblemen zijn, maar die moeten we oplossen. De multiculturele samenleving wordt nog steeds bezongen en er is weinig ruimte voor kritiek.
Rechtse ouders die zich oprecht zorgen maken over immigratie, integratie en islam zien die zorgen niet terug in het lesmateriaal van hun kinderen. Ze lopen zelfs het risico dat hun zorgen worden weggezet als racistisch of islamofoob.

Politieke partijen worden ook besproken in het voortgezet onderwijs, en dat gebeurt niet altijd neutraal. Bij het bespreken van bijvoorbeeld GroenLinks, PvdA en D66 staat vaak voorop dat deze partijen idealistisch zijn of opkomen voor zwakkeren, terwijl je daar best vraagtekens bij kunt zetten. Deze positieve benadering is natuurlijk niet zo vreemd als je weet dat veel docenten op deze partijen stemmen.
De grote tegenstanders van deze partijen zijn PVV en FvD, en hoe worden die besproken in de klas? Hier zouden ook positieve en negatieve kanten aan bod moeten komen, maar waarschuwingen voor deze partijen en hun leiders voeren maar al te vaak de boventoon.

Ander voorbeeld: als leerlingen op het voortgezet onderwijs werkstukken gaan maken, krijgen ze te horen wat goede bronnen zijn om te gebruiken. Hier worden bijvoorbeeld NRC en Volkskrant aangeraden en de Telegraaf wordt afgeraden. Rechtse mensen zien veel framing en eenzijdigheid in deze ‘kwaliteitskranten’, en storen zich eraan dat de ‘andere kant’ niet gehoord wordt. Die andere kant lezen zij in de Telegraaf, maar docenten kijken nogal eens zuinig bij deze bron.
Wat voor effect heeft dit?

Als leerlingen zich willen verdiepen in welk onderwerp dan ook, zullen ze vrijwel alleen informatie kunnen vinden die hen de kant van het dominante narratief op stuurt, het linkse verhaal. Werkstukken over de EU, natuurbeheer, ontwikkelingshulp, het Midden-Oosten, de VS, de islam, kernenergie of welk onderwerp dan ook zullen netjes binnen de dominante doctrine blijven.
Daarnaast weten leerlingen maar al te goed hoe hun docenten erover denken. Leraren zijn ook maar mensen en ze hebben hun eigen – soms onbewuste – vooroordelen. Waarom zou je als leerling het risico op een lager cijfer nemen als je met minder moeite een hoger cijfer kunt halen? Schrijf vooral wat die leraar wil horen, en dompel je dus maar even onder in zijn politieke ideeën.

Veroordeling

Linkse ouders die hun kinderen huiswerk overhoren hoeven niet bang te zijn dat ze hun stem op linkse partijen moeten gaan verdedigen. Die keus wordt alleen maar bevestigd in het lesmateriaal.
Hoe zouden linkse ouders het vinden als hun kinderen op school zouden leren dat zij landverraders zijn? Hoe zouden zij het vinden als hun kinderen zouden leren dat zorgen over klimaatverandering belachelijk zijn, als zij werden weggezet als paniekzaaiers?
Vergelijk dat eens met rechtse ouders. Meestal moeten die zelf de informatie bij elkaar zoeken om hun kinderen uit te leggen waarom ze PVV of FvD stemmen, en daarnaast moeten ze zich voortdurend verdedigen tegen het verwijt racist te zijn.

De PVV is fel pro-Israël, heel wat feller dan veel partijen van de gevestigde orde die schaamteloos anti-Israëlresoluties en soms zelfs BDS ondersteunen. En toch moeten PVV-ouders hun kinderen regelmatig uitleggen dat ze echt niets tegen Joden hebben, en dat Wilders niet de nieuwe Hitler is.
Moeten GroenLinksouders dat ook? Nee, want GroenLinks – dat BDS steunde – kan rekenen op een positieve beoordeling. Het is niet voor niets dat veel studenten GroenLinks stemmen en dat deze partij graag zou zien dat 16-jarigen mogen stemmen. Op die leeftijd werkt de opvoeding – die ze op school kregen – nog flink door.

Met name het gemak waarmee soms in lesmateriaal en door docenten gesuggereerd wordt dat PVV’ers en FvD’ers racisten, fascisten en antisemieten zijn, is heel frustrerend voor rechtse ouders. Daarnaast levert dit voor rechtse leerlingen een onveilige sfeer op in de klas. Ga als leerling maar eens in tegen een leraar die staat te vertellen dat jouw politieke ideeën moreel inferieur zijn. Hoeveel leerlingen durven dat? En wie van hen kan het dan ook nog goed onder woorden brengen?

De koninklijke weg

Er zijn een hoop rechtse mensen die pleiten voor gesprek, die zoeken hoe deze problemen op een nette manier aan de orde kunnen worden gesteld. Hier wat stukjes van gesprekken op Twitter.

Maar hierbij lopen ouders tegen twee problemen aan. Het eerste probleem: niet elke ouder heeft de moed en/of vaardigheden om dit aan te kaarten. Het tweede probleem: klachten worden vaak niet serieus genomen. Zoals eerder gezegd: het is lastig om je eigen vooroordelen te zien. Een conrector die zelf GroenLinks stemt, zal moeite hebben om linkse indoctrinatie te (h)erkennen.

Daarnaast is er ook gewoon onwil om deze eenzijdigheid onder ogen te zien. In 2006 onderzochten Roelof Bouwman en Kirsten Munk voor HP/De Tijd 41 schoolboeken – aardrijkskunde, geschiedenis en maatschappijleer – en kwamen tot de conclusie dat veel beweringen in deze boeken heel erg links en zelfs vaak onjuist waren. Toen ze uitgevers van schoolboeken hierop aanspraken, werden hun bezwaren weggewuifd. De minister van Onderwijs – destijds CDA-minister Maria van der Hoeven – liet weten dat dit een taak van de schoolbesturen was. Die vonden weer dat ze de ‘autonomie van de leraar’ niet aan moesten tasten. De hete aardappel werd doorgeschoven en er veranderde weinig.

In 2018 liet de Telegraaf onderzoek doen naar de politieke kleur van schoolboeken, en weer kwam een voorkeur voor links aan het licht. Al leek de oogst wat genuanceerder dan in 2006, volgens één van de onderzoekers bevatten dit soort teksten en opdrachten een zekere nestgeur die bij GroenLinks, D66 en bestuurlijk Nederland te ruiken is.
Toen FvD in 2019 een meldpunt voor linkse indoctrinatie op scholen opende, verscheen in de Volkskrant een column met als titel: We kunnen Baudets meldpunt niet afdoen als puberaal getreiter van een aandachtsjunk. Waarna Aleid Truijens precies dat deed en nog even stelde dat Baudet bewijs niet nodig vond. Al het eerdere bewijs was haar blijkbaar ontgaan.

In 2017 stond het probleem van linkse bias op universiteiten zowaar op de agenda in de Tweede Kamer. In de motie Straus-Duisenberg werd verzocht om de Koninklijke Nederlandse Akademie van Wetenschappen (KNAW) onderzoek te laten doen naar ‘zelfcensuur en perspectivische vernauwing in de Nederlandse wetenschap’.
Het resultaat? Een geruststellende brief van de KNAW waarin stond: Er zijn geen signalen dat er in de wetenschap in Nederland structureel sprake is van zelfcensuur en beperking van diversiteit aan perspectieven, maar we moeten wel alert blijven.
Had de KNAW dan onderzoek gedaan? Welnee. Dit wist men gewoon. En zo was iedereen weer tevreden: het gezag had gesproken. Dat ‘het gezag’ hier vanuit de dikke duim sprak, deed er niet toe.

Reacties

Rechtse ouders en leraren verliezen zo langzamerhand de moed. Ziehier een paar reacties in twittergesprekken en probeer jezelf eens in deze mensen te verplaatsen.

  • Het is triest dat elke handreiking elke keer weer weggeslagen wordt. Maak dit zelf ook mee en doe dan maar weer het zwijgen toe.
  • Ik heb ook lange tijd gedacht dat het racisme geroep ingegeven werd door de angst om zelf ook voor racist aangezien te worden. Ik neig nu te zeggen dat het gros werkelijk denkt dat er achter elke boom een nazi schuilt.
  • Ik heb 25 jaar in die linkse hel gewerkt. Er is geen, ik herhaal geen enkel besef dat hun linkse ideologie niet de ‘goede mening’ is. Pas als ze merken dat er een maatschappelijke afkeer voor hun mening is dan zullen ze misschien luisteren. Maar hun eerste uitvlucht is racisme.

Veel mensen willen in gesprek blijven, maar zien geen toekomst waarin wel naar hen geluisterd wordt. De discussies daarover zijn vaak eerder verdrietig dan agressief.

Maar hoe lang blijven de discussies nog verdrietig? De frustraties lopen op. Sinds kort is er een rechts account actief op Twitter dat harde methodes wil gebruiken om ‘links’ aan te pakken, en dit account krijgt veel bijval.

Hier kan links Nederland zich nu over gaan opwinden, maar is dat niet een tikkeltje hypocriet? Waarom zijn zoveel mensen al zo lang niet bereid om de klachten over linkse indoctrinatie serieus te nemen? Is het zo moeilijk om je in een ander in te leven?

Wie niet horen wil, zal voelen

Natuurlijk kan iedereen zich nu opwinden over de oproep van Vizier op Links.
Eerlijk is eerlijk, dat doe ik ook. Ik vind het echt niet kunnen dat leraren met naam en toenaam op internet worden geschandpaald en bang moeten zijn om na school opgewacht te worden door politieke tegenstanders.
Maar is het raar dat dit soort oproepen er zijn?

Absoluut niet. Als klachten jarenlang genegeerd worden – zelfs belachelijk worden gemaakt – dan groeit de frustratie. Rechts heeft al jaren bewijzen geleverd van linkse indoctrinatie, en nog steeds wordt gedaan alsof dit maar een complottheorie is. Er zijn particuliere meldpunten geweest, soms georganiseerd door studenten, er is aan allerlei bellen getrokken, en er wordt niets mee gedaan.

Wat moet rechts nog meer doen? Zelfs zo’n zogenaamd onderzoek door de KNAW blijkt een wassen neus te zijn. Je zou zelfs kunnen stellen dat die brief leugenachtig is, omdat mensen bij oppervlakkige lezing kunnen denken dat er wel degelijk onderzoek is gedaan.
En als rechts dan over gaat op hardere methodes is links ineens het slachtoffer…?

In een echte democratie luistert de dominante meerderheid naar de minderheden. Niet luisteren naar de zorgen van zo’n minderheid is simpelweg arrogantie van de macht. Dat zien we terug in zo’n snerend stuk van Aleid Truijens die deze mensen veilig weg kan trappen, omdat de meerderheid heeft besloten dat zij inferieur zijn. Zeggen dat ‘rechts’ aan de macht is in Nederland is dan een geraffineerde truc om niet naar deze groep te hoeven luisteren.
Zij zijn niet aan de macht; degenen die overal hun ‘acceptabele’ mening mogen verkondigen zijn aan de macht. En deze machthebbers noemen zichzelf vaak links.

Links Nederland heeft jarenlang niet willen luisteren, en zoals ouders vroeger tegen hun kinderen zeiden: wie niet horen wil, moet voelen. De oproep om leraren te doxen zou er nooit gekomen zijn als de zorgen van rechts serieus genomen waren.
Ik ben hier niet blij mee. Ik zou liever willen dat links alsnog gaat luisteren. Maar als ik kijk hoe hardhorend ons linkse establishment is, dan moet ik concluderen dat links deze escalatie aan zichzelf te danken heeft.

Vond je dit artikel goed? Steun Maaike van Charante via repelsteeltje.backme.org

Voor meer artikelen, zie deze link.

Op de hoogte blijven van nieuwe artikelen? Volg Maaike (Repel) op Twitter.

.Vond je dit artikel goed? Steun de auteur via Backme

Repel .

Written by Repel .

Je kunt Maaike van Charante steunen op BackMe repelsteeltje.backme.org en/of volgen op Twitter @Repelsteeltje21