0 0
Read Time8 Minute, 36 Second

Het Nederlandse establishment klaagt graag dat de bevolking radicaliseert. Een nieuw onderzoek naar extremisme in het noorden van Nederland was de zoveelste bijdrage aan het criminaliseren van burgers. Wie deelneemt aan het vrije debat of aan actievoeren tegen slecht beleid, krijgt al snel een negatief etiket opgeplakt: antidemocratisch, junknieuws, antioverheidsextremisme, en uiteindelijk extreemrechts. Maar de radicalisering komt van het establishment.

Onderzoek naar extremisme in Noord-Nederland

Vorige week kwam er een onderzoek uit van de Rijksuniversiteit Groningen: Fenomeenanalyse extremisme Noord-Nederland. Velen lachten er smakelijk om, haalden hun schouders op en gingen verder met hun dagelijkse bezigheden. Begrijpelijk, maar niet terecht. Dit is namelijk het zoveelste voorbeeld van criminalisering van verzet tegen slecht beleid.

Antioverheidsextremisme

Inhoudelijk stelt het onderzoek weinig voor. De onderzoekers willen de aandacht vestigen op ‘nieuwe vormen van extremisme’ en dan vooral: antioverheidsextremisme. De omschrijving van dit nieuwe extremisme blijft vaag, vooral als het gaat over wat deze ‘extremisten’ afwijzen. Je zou denken dat er een fundamenteel verschil is tussen protest tegen overheidsbeleid of het afwijzen van de democratie. Niet in deze definitie.

“In dit onderzoek wordt het label antioverheidsextremisme gebruikt voor (de bereidheid tot) buitenwettelijke handelingen die voortvloeien uit een gedachtegoed waarin het afwijzen van de overheid, het overheidsbeleid en/of democratische procedures centraal staat.”

Zelfs met deze bijzonder vage (en vooral brede) definitie konden de onderzoekers maar weinig voorbeelden van extremistisch gedrag vinden. Volgens hen komt dit doordat dit nieuwe extremisme over het hoofd wordt gezien: “Vanwege de focus op traditionele(re) bewegingen en het diffuse karakter van hedendaags radicalisme en extremisme hebben deze ontwikkelingen echter nog niet de aandacht gekregen die ze verdienen.”

Zij spreken dan ook over een ‘onterechte focus op jihadisme’ en willen meer aandacht voor dit antioverheidsextremisme. Het is duidelijk dat zij zelf sympathie hebben voor linksextremisme en bepaalde problemen – zoals de zogeheten ‘vluchtelingencrisis’ – liever bagatelliseren. Het is veelzeggend dat de onderzoekers deze term nadrukkelijk tussen aanhalingstekens zetten.

Kruisbestuiving

Problemen aan de andere kant van het politieke spectrum vergroten zij graag uit. Ze leggen suggestieve verbanden die soms komisch zijn omdat ze tegelijkertijd waarschuwen voor complotdenken. Het ene complotdenken is het andere niet…
De term kruisbestuiving valt vaak: “Radicaal- en extreemrechtse aanhangers zoeken steeds vaker aansluiting bij andere protesten, zoals demonstraties tegen de coronamaatregelen, Sinterklaasintochten en boerenprotesten. Daardoor is er sprake van kruisbestuiving.”

Ziet u wat hier gebeurt? Je kunt nog zo vreedzaam en terecht gaan demonstreren tegen schandalig overheidsbeleid; zodra je een voet buiten het toegestane pad zet, val je onder de definitie ‘antioverheidsextremisme’. En als je de pech hebt dat er een paar rechtsradicalen met je meelopen, dan is er al ‘kruisbestuiving’ en ben je hard op weg om extreemrechts te worden.

Definitie rechtsextremisme

Dit verhaal deed me sterk denken aan een definitie van extreemrechts zoals die verwoord is door onderzoekster Nikki Sterkenburg, tegenwoordig plaatsvervangend hoofd Analyse Nationale Veiligheid bij de NCTV.

“De definitie luidt dan ook als volgt: Individuen zijn extreemrechts wanneer zij een uitgesproken ideologie hebben die wordt gekenmerkt door nationalisme, racisme, xenofobie, een antidemocratische houding en/of de roep om een sterke staat.”

Waarom moest ik aan deze definitie denken? Omdat Sterkenburg uitlegde: “antidemocratische houding (ook wel: anti-establishment).”
Ik schreef daarover: “Komt dat even mooi van pas voor de gevestigde orde! Het establishment wordt hier gelijk gesteld aan de democratie, en kritiek op het establishment is dan antidemocratisch en een kenmerk van extreemrechts.”

Het hellend vlak naar extreemrechts

Precies zo vegen de onderzoekers van de Rijksuniversiteit Groningen ‘het afwijzen van de overheid, het overheidsbeleid en/of democratische procedures’ ook maar even op een hoop. Pas maar op, beste critici van het overheidsbeleid, voor u het weet bent u extreemrechts. En iedereen weet dat rechtsextremisten geen recht van spreken hebben, en al helemaal geen recht van actievoeren.

En als we het toch over de NCTV hebben; eerder deze maand deed NCTV-chef Pieter-Jaap Aalbersberg vergelijkbare uitspraken toen hij waarschuwde “dat complotdenkers, radicale corona-activisten en anti-overheidsextremisten zich vermengen.” Natuurlijk waarschuwde hij ook dat we het niet over omvolking mogen hebben, ondanks het feit dat politici vaak de angst voor omvolking voeden.

Criminaliseren van verzet tegen beleid

Het komt allemaal neer op het criminaliseren van verzet tegen overheidsbeleid. Dit criminaliseren is natuurlijk niet nieuw; in 2018 werd Jenny Douwes al extreemrechts genoemd. Maar veel Nederlanders zagen de blokkade van de A7 – waaraan Jenny overigens niet deelnam – als een logische reactie op de provocaties van KOZP en de bias bij het establishment. De sympathie voor de BlokkeerFriezen was zo groot dat het OM het nodig vond hier een opvoedkundig filmpje over te maken.

Léonie de Jonge en de media

De mainstream media, wetenschappers en de overheid trekken samen op in hun opvoedpogingen. Het was geen verrassing om te zien dat Léonie de Jonge heeft meegewerkt aan het onderzoek naar extremisme in Noord-Nederland. De Jonge timmert al jaren aan de weg, zij speelde een hoofdrol in een uitzending van Medialogica waarin ze pleitte voor het censureren van ‘rechts populistische’ politieke partijen.

In november 2021 werd zij geïnterviewd door Nu.nl en zij stelde dat het ‘hoog tijd’ was dat er grenzen werden gesteld aan Thierry Baudet. “Iemand moet zeggen: tot hier en niet verder.”
In september 2022 bleek Nu.nl de voorstellen van Léonie in praktijk te brengen.

“Als iets niet klopt, schrijven we het gewoon niet op. (…) Bovendien quoten we FVD-Kamerleden nooit letterlijk. We vatten hun opmerkingen altijd in onze eigen woorden samen. Parafraseren noem je dat. Daarmee voorkomen we dat we ruim baan geven aan te suggestieve boodschappen. (…) Ook andere politici hebben ingestudeerde oneliners die ze graag op NU.nl zien. Maar bij FVD kan het gevaarlijk zijn.”

In de ogen van deze mensen is de democratie blijkbaar niet in gevaar als burgers niet gehoord worden en burgerrechten op de tocht staan. En als de onvrede daarover toeneemt, hebben ze zo weinig vertrouwen in diezelfde democratie en in het vrije debat, dat ze censuur een passend middel vinden om ‘hun’ democratie te redden.

Dienstbaarheid media aan het establishment

En natuurlijk is deze censuurdrang niet begonnen bij Léonie de Jonge. In 2019 hadden we het ‘junknieuwsrapport’, geschreven in opdracht van minister Kajsa Ollongren. Daarin werden media op dubieuze gronden ingedeeld in goed en fout. In wezen betekende goed: vriendelijk zijn voor het establishment en de boodschap van de overheid uitdragen.

Dit junknieuwsonderzoek ademde dezelfde geest als een eveneens dubieuze passage in het verdrag van Marrakesh, waarin gepleit werd voor sponsoring van welgevallige media en het tegenwerken van lastige media. Dat dergelijke voorstellen worden ingebed in liefdesverklaringen aan de democratie en het vrije debat, doet niets af aan hun radicaal antidemocratische opzet.

Dergelijke initiatieven zorgen vaak even voor ophef, vooral in die delen van de samenleving die toch al kritisch zijn. Maar het zelfingenomen establishment neemt de kritiek niet serieus, en spreekt sussende woorden: we leven immers in een democratie? De meeste plannen worden niet direct uitgevoerd, en alles lijkt mee te vallen.

Liever wensdenken dan onrust

De onrust over dat verdrag van Marrakesh is al lang vergeten. De ophef over het junknieuwsrapport is verleden tijd. De nieuwe strategie van Nu.nl leidde nauwelijks tot opgetrokken wenkbrauwen. Zelfs dat extremismeonderzoek van vorige week zakt alweer weg uit de actualiteit. Keer op keer halen we onze schouders op en gaan we weer verder.

Het establishment spreekt van radicalisering, maar veel Nederlanders radicaliseren juist niet. Ze willen liever denken dat het allemaal wel meevalt, dat de grondrechten helemaal niet onder druk staan. Ze willen zo graag in een echte democratie leven dat ze hun ogen sluiten voor wat er gebeurt.

Maar de mensen die nu rechtstreeks geraakt worden, merken wel degelijk wat er gebeurt. Tekenend is de verbijstering bij velen van hen als ze merken hoe rechteloos ze zijn. Ze dachten toch echt in een democratie te leven… Is het een wonder als sommigen van hen inderdaad radicaliseren? En is de oplossing dan om nieuwe extremisme etiketten te verzinnen en de onderdrukking nog wat op te voeren?

Onze samenleving drijft op afspraken

Burgers dienen zich aan de wetten te houden. Het is verkeerd om een 5G-zendmast in brand te steken, het is fout om een provinciedeur te beschadigen, het is nog erger om brand te stichten bij een GGD-testlocatie. En het is ronduit misdadig om een molotovcocktail door het raam van het huis van een journalist te gooien. Dat is inderdaad extremisme.

Onze wetten zijn ontstaan uit afspraken die we als samenleving met elkaar hebben gemaakt : afspraken over rechten en plichten, voor iedereen. Maar dient ook het establishment zich niet aan die afspraken te houden? Op papier is Nederland nog steeds een democratie, in de praktijk loopt de overheid over burgers heen. Inspraak is niet: een avondje je grieven mogen uiten over plannen waar je al geen invloed meer op hebt.

De Nederlandse democratie degenereert

Voor mij is dit extremismeonderzoek het zoveelste teken aan de wand. We hebben een democratie die steeds slechter werkt, waarin steeds meer mensen vermalen worden en waarin het grootste deel van de bevolking in de praktijk geen invloed heeft. Politici, hoge ambtenaren, wetenschappers en media hebben het systeem zo geperfectioneerd dat alleen het establishment nog een stem heeft.

Ik vind het bovendien zorgwekkend dat deze mensen nooit reageren op kritiek, behalve om te zeggen dat ze zo lastig gevallen worden. Een houding die we ook terugzien op Twitter. Als leden van het establishment – politici, wetenschappers, journalisten, etc. – een tweet sturen waar veel kritiek op komt, zullen ze zelden inhoudelijk reageren. Liever speuren ze tussen de reacties tot ze iets grofs vinden, waarna ze dat retweeten als ‘bewijs’ van de grofheid van hun critici.

Wat moeten burgers beginnen die alle democratische routes geprobeerd hebben en tot hun verbijstering merken dat hun rechten er niet meer toe doen? De onderwerpen die genoemd worden door deze onderzoekers en door Aalbersberg, zijn stuk voor stuk voorbeelden van slecht beleid. En als burgers dan steeds feller gaan protesteren, noemt men dat radicalisering. Maar de radicalisering zit eerder bij het establishment dan bij de burgers.

Onze democratie moet inderdaad gered worden. Van deze voortdurende ondermijning door het establishment.

Vond je dit artikel goed? Steun Maaike van Charante via repelsteeltje.backme.org

Op de hoogte blijven van nieuwe artikelen? Volg Maaike op Twitter.

.Vond je dit artikel goed? Steun de auteur via Backme

Maaike van Charante

Written by Maaike van Charante

Je kunt Maaike van Charante steunen op BackMe repelsteeltje.backme.org en/of volgen op Twitter @Repelsteeltje21