3 0
Read Time7 Minute, 1 Second

Het is een jaar geleden dat de Franse leraar Samuel Paty op straat onthoofd werd.

Wat was zijn ‘vergrijp’? Hij had in zijn klas Mohammedcartoons besproken. Dit had hij overigens heel zorgvuldig gedaan. Hij had van tevoren gezegd dat leerlingen niet in de klas hoefden te blijven, en als ze wel bleven, mochten ze hun ogen dichtdoen. Zo besprak hij het belang van de vrijheid van meningsuiting.
Diezelfde dag spijbelde een leerlinge, en dit meisje – dat dus niet bij de les was geweest – zei tegen haar islamitische vader dat Paty haar gedwongen had om naar godslasterlijke spotprenten te kijken. De vader begon een hetze via social media en tien dagen later werd Paty vermoord.

Hoeveel steun krijgen leraren eigenlijk in dergelijke omstandigheden? Samuel Paty stond alleen. Zijn leidinggevenden wisten dat er een gevaarlijke lastercampagne tegen hem gaande was, maar toch wilden ze dat hij excuses aan zou bieden. Waarvoor? Blijkbaar voor het overtreden van rigide regels van een onverdraagzame godsdienst, want in wezen had Paty niets verwijtbaars gedaan. Hij had geprobeerd zijn leerlingen het belang van de vrijheid van meningsuiting bij te brengen en was daarbij ook nog eens heel zorgvuldig met hun gevoeligheden omgegaan. Het lijkt erop dat zijn leidinggevenden vooral uit angst handelden, niet uit principes.

Angst is een slechte raadgever. Dat is altijd het geval, maar vooral als je te maken hebt met brutale fanatiekelingen die elke aarzeling zien als een signaal dat ze nog wel wat terrein in kunnen pikken.

Op 1 november 2020 – twee weken na de moord op Paty – werd in Nederland een petitie gelanceerd door een Haagse imam – Ismail Abou Soumayyah – die schreef:

  1. Wij moslims veroordelen met klem alle vormen van geweld naar aanleiding van de spotprenten.
  2. Dit gezegd te hebben, vinden wij moslims ook dat het beledigen van onze profeet Mohammed niets te maken heeft met de vrijheid van meningsuiting. Het is eerder een tekort aan fatsoen en leidt ook nog eens tot maatschappelijke spanningen alsook het structureel beledigen van moslims.
  3. Wij roepen de overheid dan ook op om het beledigen van de profeet (zelfs alle profeten) strafbaar te stellen.

Ondanks de veroordeling van geweld in het eerste punt is dit een pleidooi voor een verbod op spotprenten over Mohammed. En dat pal na de gruwelijke onthoofding van Samuel Paty… Blijkbaar voelde deze imam zich aangemoedigd door het ‘succes’ in Frankrijk. Waar een dergelijke petitie een maand eerder nog gezien had kunnen worden als een tamelijk bekrompen maar vreedzaam verzoek, was het nu een weinig subtiele hint. Doe wat wij vragen of anders zijn de gewelddadige gevolgen voor jullie rekening. De petitie werd binnen 3 dagen meer dan 100.000 keer ondertekend.

Hoeveel cartoonisten zullen nog ontspannen cartoons tekenen waarin de ‘religie van de vrede’ bekritiseerd wordt? We kennen allemaal de bedreigingen van en aanslagen op tekenaars van Mohammedcartoons, zoals Kurt Westergaard en Lars Vilsk. Beiden zijn dit jaar overleden; de vreugde bij bepaalde fanatici was groot. De boodschap aan andere cartoonisten is duidelijk: als je prijs stelt op je veiligheid, denk dan nog even na voordat je gaat tekenen.

Een paar dagen na de petitie moest in Rotterdam een leraar onderduiken omdat hij – al vijf jaar – een spotprent in de klas had hangen over de slachtpartij bij Charlie Hebdo. Op zijn cartoon stond niet eens Mohammed, maar een djihadist die net een cartoonist onthoofd had en verbijsterd toekeek hoe uit diens nek een tong naar hem uitgestoken werd. Meisjes uit een andere klas hadden de leraar beschuldigd van godslastering en later liep de discussie op social media uit de hand. Doodsbedreigingen volgden.

De volgende dag bleek in Den Bosch nog een leraar bedreigd te zijn om een spotprent over Mohammed, al was ook deze cartoon keurig ingebed in de les maatschappijleer. Was het toeval dat zo kort na de weerzinwekkende gewelddaad in Frankrijk deze petitie en deze haatcampagnes tegen leraren werden opgezet? Dat denk ik niet. We hebben al vaak genoeg gezien dat moslimterrorisme gevolgd wordt door applaus op internet en in sommige buurten. En waar dit geweld euforie oproept bij radicale moslims, roept het angst op bij de gezagsdragers. Men schijnt te denken dat er vooral gesust moet worden. Maak ze niet kwaad, want anders…

Reacties vanuit de overheid blijven vaak beperkt tot mooie woorden over ontzetting, steun en ‘pal staan voor onze waarden’ (hier hoor ik Rutte in mijn hoofd). Op zich is het goed als politici hun afschuw uitspreken over dit soort acties, maar daar moet het niet bij blijven. Hier een gedeelte uit een Kamerbrief die minister Arie Slob stuurde na de bedreigingen.

Tot onze ontsteltenis hebben de acties in het kader van de vrijheid van meningsuiting op scholen in Rotterdam en Den Bosch geleid tot onrust en zelfs tot bedreigingen. Het is volstrekt onacceptabel dat de veiligheid van leraren onder druk komt te staan omdat zij de waarde van het vrije woord overbrengen. Het intimideren en bedreigen van leraren kan op geen enkele wijze worden getolereerd en hier treden wij dan ook hard tegen op. Het is belangrijk dat aangifte is gedaan door de scholen en leraren die het betreft. Deze scholen staan in nauw contact met de politie, de Inspectie van het Onderwijs en de Stichting School en Veiligheid (SSV). Er is een ondersteuningsteam van de SSV ingezet om hen te helpen bij deze situatie. Leraren die zich met overtuiging inzetten voor de vrijheid van meningsuiting verdienen onze volledige steun en hun veiligheid dient te allen tijde gegarandeerd te worden.

Er staat heel vastberaden dat de overheid hard optreedt. Scholen en leraren worden zelfs aangemoedigd om aangifte te doen, maar wat gebeurt er in de praktijk? Je kunt je afvragen of iemand hiervoor veroordeeld gaat worden, terwijl wel alle leraren van Nederland een duidelijk signaal hebben gekregen: Wees voorzichtig met de islam, want anders… In diezelfde Kamerbrief staat:

Leraren kunnen het beste inschatten welke lesvormen en materialen het meest passend zijn in de context van hun eigen school en klas. Dat geldt ook voor de keuze om ouders en leerlingen of studenten wel of niet te informeren over een aanstaande les die mogelijk gevoelig ligt. (…) Aangaande dit soort gevoelige vraagstukken past ons vanuit Den Haag terughoudendheid en vertrouwen in de professionaliteit van leraren.

Er is na de moord op Samuel Paty zelfs een speciale lesbrief uitgebracht om docenten te adviseren hoe ze dit soort ‘gevoelige’ zaken aan kunnen pakken. Toch lijkt hiermee de bal weer bij de leraren te liggen – terughoudendheid en vertrouwen in de professionaliteit – terwijl er weinig concrete garanties zijn voor hun veiligheid. De overheid staat op afstand en grijpt pas in nadat het mis is gegaan.

In meer westerse landen zien we deze aarzelende houding van leidinggevenden tegenover agressieve eisen van moslims, en soms erger dan in Nederland. Op een school in Groot-Brittannië werden in maart 2021 drie leraren op non-actief gesteld na ophef over Mohammedcartoons. De school bood de moslims excuses aan… Eén van de drie leraren zat drie maanden later nog steeds ondergedoken vanwege alle dreigementen. Na een onafhankelijk extern onderzoek werden de leraren ‘vrijgesproken’, de stokende moslims kregen een standje.

Hoeveel leraren durven in de klas nog Mohammedcartoons te gebruiken om de vrijheid van meningsuiting uit te leggen? Het zijn er steeds minder. Onderzoek heeft uitgewezen dat Nederlandse docenten angstig zijn geworden om gevoelige zaken te bespreken. Steeds meer leerkrachten willen conflicten in de klas vermijden en kiezen ervoor zaken als homoseksualiteit en religie niet te bespreken.

Intimidatie werkt. Leraren voelen zich minder veilig en worden voorzichtiger, daders voelen zich daardoor weer gesteund en gaan nog een stapje verder. Daarom is het zo belangrijk dat de overheid het niet bij mooie woorden laat, maar daders echt keihard aanpakt. Een grondige opsporing en strenge bestraffing zijn een signaal voor de hele maatschappij.
Excuses maken aan ‘gekwetste’ moslims omdat ze anders wel eens boos zouden kunnen worden – zoals het Britse schoolhoofd deed – is geen echte tolerantie. Het is lafheid. Erger nog: het is verraad aan docenten die oprecht proberen om hun leerlingen wel tolerantie bij te brengen. Zij hebben rugdekking nodig.

Eindeloos toegeven aan extremisten is vragen om ellende en zeker de Britten zouden beter moeten weten. Zoals hun vroegere premier Churchill ooit zei:

‘An appeaser is one who feeds a crocodile—hoping it will eat him last.’

Vond je dit artikel goed? Steun Maaike van Charante via repelsteeltje.backme.org

Voor meer artikelen, zie deze link.

Op de hoogte blijven van nieuwe artikelen? Volg me op Twitter.

Vond je dit artikel goed? Steun de auteur via Backme

Repel .

Written by Repel .

Je kunt Maaike van Charante steunen op BackMe repelsteeltje.backme.org en/of volgen op Twitter @Repelsteeltje21