Read Time10 Minute, 6 Second

Veel mensen zien graag oude schilderijen, oude standbeelden en oude gebouwen.

Rembrandt en Vermeer blijven onverminderd populair en de Piéta van Michelangelo trekt nog dagelijks talloze bezoekers. Er is een levendige handel in reproducties, ansichtkaarten en allerlei andere producten waarop oude kunstwerken staan afgebeeld.
Dit geldt niet alleen voor kunst van honderden jaren geleden, maar ook nog voor kunst uit de 19e en begin 20e eeuw. William Turner, Claude Monet en natuurlijk Vincent van Gogh worden nog altijd in brede kring gewaardeerd, net als Gustav Klimt en Alfons Mucha.

Ook in de architectuur is schoonheid lang een belangrijke factor geweest, schoonheid die maakt dat mensen op bepaalde plekken graag komen. En alweer: we hebben het dan wel over architectuur van lang geleden.
Kijk maar eens voor welke gebouwen mensen selfies nemen: het zijn bijna altijd gebouwen van meer dan honderd jaar oud. Als een oude kerk afbrandt, zijn vaak velen geëmotioneerd; blijkbaar voelen mensen zich verbonden met deze gebouwen. Hoeveel acties zijn er niet door burgers gevoerd als oude gebouwen plaats moesten maken voor nieuwbouw?
En weer: denk ook aan de architectuur van de Jugendstil met haar sierlijke vormen. Heel anders en vernieuwend, maar prachtig om te zien.

En toen – ergens in het interbellum – namen de kunst en architectuur een andere afslag.

Veel gebouwen van de laatste eeuw zijn karakterloos en anoniem, sommige zijn zo aanstootgevend lelijk dat ze zelfs protesten oproepen. Hieronder een paar voorbeelden uit een artikel met de passende titel: why you hate contemporary architecture. Het hele artikel is de moeite waard, maar de foto’s spreken al voor zich. Deze gebouwen stralen een afkeer van mensen uit; ze lijken expres lelijk en ongastvrij te zijn.

En net zo is het met veel kunst: het lijkt alsof deze kunst met opzet lelijk en zelfs afstotelijk is. Hoe vaak hebben we al verhalen gehoord over schoonmakers die per ongeluk kunst in de afvalcontainer hadden gegooid omdat ze het verschil met afval niet zagen? Ligt dat aan de schoonmakers of aan de kunst?
Natuurlijk wordt er ook tegenwoordig nog prachtige kunst gemaakt – denk maar aan de subtiele stillevens van Henk Helmantel – maar het valt niet te ontkennen dat er een zeer luidruchtige stroming is die expres lelijke of banale dingen maakt en er exorbitante bedragen voor vraagt… en krijgt.

Zo was er kort geleden de banaan die met duct tape aan de muur was bevestigd; de waarde werd getaxeerd op 108.000 euro… Een ‘performancekunstenaar’ haalde het ding van de muur en at hem op. Er was weer een nieuw ‘kunstwerk’ geboren.
Wie denkt nog serieus dat het hier om kunst gaat? De kunstenaars zelf lijken tot over de verste grenzen heen te willen gaan om uit te testen wanneer eindelijk iemand zal zeggen dat dit gewoon oplichterij is, maar wat ze ook doen, het blijft kunst genoemd worden. Er is geen grens van lelijkheid of onbenulligheid waar de kunstenaars overheen kunnen gaan, zo lang ze bij hun ‘kunstwerk’ maar een A4’tje met gezwollen taal leveren. In feite zijn zij verkopers van gebakken lucht en zolang hun verkooppraatje maar goed genoeg is, kunnen ze goudgeld verdienen aan de meest smerige wanklieksels.

Deze week zag ik een tekst voorbij komen uit een meerjarenbeleidsplan over kunstprojecten in de Oude Kerk van Amsterdam. Citaat (nadruk van mij):
Wij willen McCarthy uitnodigen om een overall installatie te maken in de kerk, geen individuele sculpturale werken maar een installatie die de serene kerkruimte overneemt. De confrontatie van de agressie, seks en overdaad doen ons terug gaan naar de donkere middeleeuwen waarin het leven voor het grootste deel van de samenleving wreed, hard en kort was.
De kerkruimte wordt dus als sereen ervaren. Sereen. Volgens de online Van Dale betekent dit: kalm, ongestoord. Deze kalmte moet blijkbaar verstoord worden door een ‘confrontatie met agressie, seks en overdaad.’

De kunstprojecten in de Oude Kerk zorgen voor grote onrust. In november vorig jaar sloeg Herman Vuijsje alarm in Het Parool; begin december verscheen een artikel in de Volkskrant met als titel ‘Oude Kerk als monument ‘op sterven na dood’ door kunstbeleid.’ Ook in andere kranten spraken mensen hun ongerustheid uit.
De alarmistische uitspraken in deze artikelen zijn niet overdreven. Wat is namelijk het geval? De vernietigingsdrang van deze ‘kunstenaars’ gaat verder dan het ontheiligen van de kerk; de ‘kunstuitingen’ brengen zelfs letterlijk het oude gebouw in gevaar.

Ander citaat uit dit beleidsplan (nadruk van mij):
Wij vroegen Fatmi om zich met zijn werk te verhouden tot de architectuur van de Oude Kerk, welke geïnspireerd is op christelijke concepten, omdat zijn werk de kijker juist wil bevrijden van politieke en religieuze vooroordelen. Lukt het hem de christelijke dominante architectuur te negeren of vervormen?
De christelijke, dominante architectuur van de Oude Kerk (zie foto bovenaan dit artikel) moet blijkbaar genegeerd of vervormd worden. Gaat het bij die ‘christelijke, dominante architectuur’ dan niet om kunst? Heeft deze architectuur dan geen bestaansrecht? Waarom moet deze prachtige kerk verstoord, genegeerd of vervormd worden?

Het is blijkbaar nog niet genoeg om lelijke en banale dingen te maken en dat kunst te noemen. Het is ook nog niet genoeg om de openbare ruimte te vervuilen met aanstootgevende misbaksels als kabouter Buttplug of de wanstaltige beeldenserie die in 2018 in de Haagse binnenstad werd neergepoot (zie afbeeldingen hieronder). Het is zelfs nog niet genoeg om onze steden steeds lelijker te maken met lompe gebouwen waar mensen niet welkom lijken te zijn.
Nee, het is daar bovenop nog nodig om een prachtige oude kerk te verkrachten door video’s, installaties en sculpturen binnen te laten dringen die er ‘hopelijk’ in zullen slagen om de sereniteit van deze ruimte ‘over te nemen’, te ‘negeren’ of te ‘verstoren.’

Dit is geen kunst meer, dit is vernietigingsdrang.
En wat moet er vernietigd worden? Alle liefde voor schoonheid die in onze contreien eeuwenlang een vertroosting voor de ziel is geweest.
We mogen niet vertroost worden, we mogen niet genieten. We moeten geconfronteerd worden. We moeten uitgedaagd worden. We mogen vooral niet in alle rust en harmonie genieten van de erfenis van onze voorouders die in allerlei omstandigheden tot de schepping van prachtige kunst en gebouwen kwamen. En we mogen ook deze traditie niet voortzetten in nieuwe schoonheid.

Als het gaat om het aanklagen en schofferen van onze culturele erfenis, zijn er in de verste verte geen grenzen in zicht. Alles moet kunnen. Obscene en anti-christelijke ‘kunst’ gemaakt van bijvoorbeeld de eigen uitwerpselen? Portretten van Maria die ‘versierd’ zijn met poep en snippers van pornoblaadjes? Taboedoorbrekend! Grensverleggend! Kunst!
Soms lijkt het alsof deze ‘kunstenaars’ denken dat we nog in 1965 leven toen de kerken nog macht hadden en het werkelijk moed vereiste om tegen deze autoriteit aan te schoppen. Dan nog is er een groot verschil tussen het aanvallen van religieuze onderdrukking en het doelbewust kwetsen van mensen die een andere levensovertuiging aanhangen.

Geldt dit voor alle religies? Natuurlijk niet.
Geen kunstenaar zal het in zijn hoofd halen om de serene rust van een moskee te gaan verstoren met provocerende kunstprojecten. Zelfs gewone portretten van Mohammed zijn al uit den boze, laat staan portretten waarin de profeet besmeurd zou worden met uitwerpselen of andere obscene uitingen.
Is dit uit angst voor jihadistisch geweld?
Het zal misschien een rol spelen, maar ik vermoed dat westerse kunstenaars er ook zonder dreiging van geweld niet over zouden peinzen om de islam te onteren. De haat is gereserveerd voor het christendom.

Jacqueline Grandjean – de directeur van de Oude Kerk van Amsterdam – laat in het beleidsplan geen twijfel bestaan over haar drijfveren. Citaat (nadruk van mij):
Het Westerse alleenrecht op kunst en religie is wellicht voorbij (…). De dominantie van het westen lijkt haarscheurtjes te vertonen die tot breuklijnen kunnen uitgroeien. Kunst van vandaag is per definitie in staat deze ontwikkeling te onderzoeken. In een gebouw dat symbool staat voor de westerse culturele waarden is dit onderzoek op haar plaats.

Het hele beleidsplan lijkt gebaseerd te zijn op afkeer van het ‘dominante’ westen en dat is bizar, want alle organisatoren die hieraan meewerken, zijn westerlingen.
Waarom hebben deze mensen zo’n afkeer van hun eigen culturele erfenis? Waarom die zelfhaat? Ze staan te jubelen bij elke ‘exotische’ cultuuruiting, maar hun eigen cultuur willen ze het liefst tot de grond toe afbreken.

Het lijkt alsof er in de twintigste eeuw iets gebroken is in het zelfbewustzijn van de westerse wereld, met name in Europa. Was het de dreun van de Eerste Wereldoorlog? De nieuwste producten van de vooruitgang werden niet ingezet om de wereld beter te maken, maar om zo efficiënt mogelijk mensen te vermoorden. Daar overheen kwam de verschrikking van de holocaust. De ‘beschaafde’ mens bleek alweer technische vooruitgang te misbruiken, dit keer om op industriële schaal genocide te plegen.
De westerse mens bleek in staat tot beestachtig gedrag, en dat paste niet bij het beeld dat Europeanen tot dan toe van zichzelf hadden. Het sloot wel perfect aan bij de christelijke leer van de erfzonde en de totale verdorvenheid van de mens.

Er ontstond een steeds sterkere onderstroom van wanhoop en zelfhaat in Europa. Een nieuwe religie van schuld en boete, maar zonder vergeving. De nieuwste loten aan deze stam zijn natuurlijk de ‘witte schuld’ en de klimaatgekte, waar echte oplossingen uitgesloten lijken wegens het gevaar van verlossing.
Dit is natuurlijk geen nieuw inzicht, meer mensen hebben zich verdiept in de zelfhaat die in West-Europa de kop opstak. Maar wie een chronologisch overzicht van kunst en architectuur erbij pakt, ziet de zelfvernietiging vorm krijgen in de afbraak van schoonheid.
Ik zal nu even niet ingaan op de ontwikkelingen in de muziek, maar ook daar kan je je afvragen hoeveel moderne muziek puur bedoeld is om te shockeren, uit te dagen en te confronteren.

Waarom uit deze zelfvernietigingsdrang zich juist in de kunst?
In de eerste plaats natuurlijk omdat veel kunstenaars niet alleen gevoelig zijn voor schoonheid, maar ook voor deze donkere onderstromen. En waar kunstenaars dit gingen uiten in hun werk, kwam nog een extra mechanisme op gang.
Er zijn snobs die in niets op het gewone volk willen lijken, dus zij zullen alles wat de meerderheid mooi vindt per definitie beneden hun stand vinden. Maar wat als de smaak van de grote massa zo breed wordt dat alles van schoonheid gewaardeerd wordt?
Dan blijft er nog maar één manier over om je te onderscheiden: ga de meest wanstaltige dingen tot kunst verheffen, zodat je zeker weet dat het plebs niet met je meegaat. Het is in wezen het toppunt van decadentie: de schoonheid die je geërfd hebt overboord gooien, en het lelijkste wat je vinden kunt omarmen.
En zoals altijd als er geld valt te verdienen; er zullen cynische profiteurs opduiken die de meest walgelijke kunst zullen produceren simpelweg omdat er snobs zijn die hiervoor betalen.

Maar hoever moet dit gaan?
Is het al niet erg genoeg dat overal in Nederland oerlelijke gedrochten in de openbare ruimte zijn geplaatst onder de noemer kunst? Is het niet erg genoeg dat mensen tot hun verdriet moeten leven tussen gebouwen die ze verafschuwen? Moet nu zelfs een prachtig gebouw als de Oude Kerk opgeofferd worden aan kunstprojecten die alleen maar afbreken?
Wie is daarmee geholpen?
Zal de rest van de wereld ons dankbaar zijn als we onze omgeving ontdoen van elke schoonheid? Helpen we de rest van de wereld door onze eigen cultuur te gronde te richten?
Niemand is hiermee geholpen.

Een cultuur die zichzelf haat, is gedoemd om onder te gaan.
Wat ook onze fouten (en die van onze voorouders) zijn, het is bijzonder ongezond om alleen maar oog te hebben voor alles wat ooit verkeerd is gegaan. Als we ons nageslacht kans van leven willen bieden, dan hoort daar een gezond evenwicht bij: niet alleen de schaamte, maar ook de trots.
We mogen blij zijn met onze westerse cultuur.

Voor iedereen die somber is geworden van de lelijkheid in dit artikel, hieronder ter vertroosting de schoonheid van blauwe pruimen en een paar alledaagse voorwerpen.
Van niemand minder dan de grote hedendaagse kunstenaar Henk Helmantel.

Vond je dit artikel goed? Steun Repelsteeltje via repelsteeltje.backme.org

Voor meer artikelen van Repelsteeltje, zie deze link.

Op de hoogte blijven van nieuwe artikelen? Volg me op Twitter.

 Vond je dit artikel goed? Steun de auteur via Backme

13 0
Repel .

Written by Repel

Je kunt me steunen op BackMe repelsteeltje.backme.org en/of volgen op Twitter @Repelsteeltje21

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.