De onevenredig grote aandacht voor het Israëlisch-Palestijns conflict in vergelijking met andere conflicthaarden is een van de gronden waarop de Israël-lobby haar belangrijkste wapen in stelling brengt: de insinuatie van antisemitisme. Die aandacht is echter inhoudelijk en historisch te verklaren.

Toen GroenLinks vier weken geleden op zijn congres een motie aannam waarin het BDS als een legitiem middel van verzet van het Palestijnse volk karakteriseerde, waren de onterechte beschuldigingen van antisemitisme weer eens niet van de lucht. Hoewel GroenLinks nergens in de motie steun uitsprak voor de doelen van BDS, en de motie in essentie gaat over de bescherming van de vrijheid van meningsuiting, trok er een door de Nederlandse Israël-lobby geïnitieerde campagne van beschuldigingen door de rechtse (sociale) media. Waaronder dit inhoudelijk bedroevende stuk van Repelsteeltje op Saltmines. Naast het als ‘antisemitisch’ criminaliseren van de Palestijnse BDS-beweging zelf, stoelen deze beschuldigingen vaak op een drogreden: waarom Israël wel boycotten en Marokko (Westelijke Sahara), China (Tibet) en Turkije (Noord-Cyprus) niet? Antisemitisme!

Omdat deze veelgebruikte redenering overduidelijk bedrieglijk – of met een hippere term: een whataboutism – is en moet afleiden van de inhoud, neemt eigenlijk nooit iemand de moeite hem inhoudelijk te weerleggen. Terwijl de onevenredig grote aandacht voor Israël en het Israëlisch-Palestijns conflict op historische en rationele gronden prima te verklaren is.

Geschiedenis

Ten eerste is het belangrijk ons te realiseren dat die onevenredige aandacht voor Israël en het Israëlisch-Palestijns conflict er altijd is geweest. In het geval van Europa en Nederland tot 1967 voornamelijk in positieve zin, en daarna – vooral vanaf de eerste Libanon-oorlog in 1982 – in minder positieve zin. Het is absoluut niet zo dat de grote aandacht voor het conflict ontstond vanaf het moment dat de staat Israël zich ontpopte als bezetter en als onderdrukker van het Palestijnse volk.

De historische oorzaken voor de belangrijke plaats van Israël in de Europese publieke opinie zijn legio. Er zijn talrijke culturele en religieuze banden tussen Israël en het oude continent. Het Bijbelse Israël, en daarmee het huidige, is via het christendom in het collectieve geheugen van Europa gegrift. Met gebieden als de Westelijke Sahara, Noord-Cyprus, laat staan Tibet, heeft men in Europa geen enkele diepgaande historische of cultureel-religieuze band. Noch met de mensen die daar wonen.

Met het joodse volk en het jodendom daarentegen deelt Europa een lange en voornamelijk – maar niet uitsluitend – tragische geschiedenis, uitmondend in de Shoah, de door de nazi’s georganiseerde industriële massamoord op de Europese joden. In Europa en Nederland bestaat sindsdien logischerwijs een enorme morele betrokkenheid bij de staat Israël, die zich zoals gezegd tot 1982 uitte in overweldigende publieke steun.

Daar komt bij dat het zionisme een Europese politiek-ideologische en culturele beweging is. De staat Israël is opgericht en verwezenlijkt door Europese joden, waardoor er op allerlei niveaus historische en – via de joodse diaspora – actuele banden met Europa zijn. Banden die vrijwel ontbreken met gebieden als de Westelijke Sahara, Tibet en Noord-Cyprus.

De uniciteit van het Israëlisch-Palestijns conflict

Hoewel de conflicten in laatstgenoemde gebieden internationaalrechtelijk op het eerste gezicht vergelijkbaar lijken, is het Israëlisch-Palestijns conflict – en dus ook de aandacht voor dit conflict – in samenhang met de hierboven geschetste historische verbondenheid volstrekt uniek. Waar in de periode van Europese dekolonisatie de conflicten in de Westelijke Sahara, Tibet en Noord-Cyprus ontstonden tussen buurlanden en/of inheemse etnische groepen, was het Israëlisch-Palestijns conflict paradoxaal genoeg in essentie een Europees koloniaal conflict. Waarbij de oorspronkelijke bewoners van het gebied dat nu Israël (het Israël binnen de zogenoemde Groene Lijn) heet het onderspit dolven en voor het grootste deel verdreven werden van hun land.

Daar kwam nog bij dat de basis waarop de stichting van de staat Israël in 1948 mogelijk werd, plaats had binnen een unieke naoorlogse internationale context. Israël ontleent zijn soevereiniteit mede aan een resolutie van de net opgerichte VN. Andere staten beslisten in deze nieuwe supranationale organisatie mee over het VN- verdelingsplan resolutie 181 waaruit Israël staatsrechtelijk is voortgekomen. Hierdoor is de grote internationale betrokkenheid onder meer via de VN bij het Israëlisch-Palestijns conflict in tegenstelling tot de andere hier besproken conflictgebieden als het ware ingebakken in Israëls ontstaansgeschiedenis.

De grote morele Europese verbondenheid met de staat Israël stuitte na de Zesdaagse Oorlog in 1967, waarin Israël onder andere de Westoever en Gaza veroverde, op een tegenstrijdig en moeilijk punt. Israël werd een militaire bezetter en ontwikkelde zich tegen de internationale rechtsorde in – dezelfde rechtsorde waaruit het zelf via de VN was voortgekomen – tot een illegale kolonisator van de Westoever en Gaza. Deze militaire bezetting, illegale kolonisering en de daarmee gepaard gaande onderdrukking van en conflicten met het Palestijnse volk gaan ondanks de vele veroordelingen van de gehele internationale gemeenschap binnenkort hun 53e jaar in.

De morele ambiguïteit ten opzichte van Israël zorgt er in een land als Nederland voor dat het Israëlisch-Palestijns conflict ‘een open zenuw’ is. Dat is dan ook een van de extra redenen waarom het veel aandacht krijgt. Het ligt gevoelig.

Duur en de intensiteit van het conflict

Daar komt nog bij dat het Israëlisch-Palestijns conflict het langstlopende conflict in de moderne geschiedenis is. In feite begon het ruim voor de stichting van de staat Israël bij de toekenning van het mandaat over Palestina aan de Britten in 1922. Veel eerder dus dan de conflicten in Tibet (1950), de Westelijke Sahara (1975) en Noord-Cyprus (1974).

Bovendien is de intensiteit van het Israëlisch-Palestijns conflict vele malen hoger dan de andere genoemde conflicten. De afgelopen tien jaar heeft Israël drie verwoestende oorlogen gevoerd in Gaza. De illegale kolonisering van de Westoever gaat dag na dag, huis na huis verder. Zo ook de mensenrechtenschendingen. En het Palestijnse verzet daartegen, ook in de vorm van terreuraanslagen. Alleen al bij de Palestijnse demonstraties langs het ‘grenshek’ tussen Israël en Gaza zijn de afgelopen tien maanden ruim 180 demonstranten doodgeschoten en meer dan 6100 betogers met scherpe munitie verwond door Israëlische scherpschutters, onder wie kinderen, ambulancemedewerkers en journalisten. Logisch dat hier zoveel aandacht voor is, en gelukkig dat het in Tibet, de Westelijke Sahara en Noord-Cyprus wat dit betreft een stuk rustiger is.

Dit alles verklaart waarom er veel minder aandacht voor deze conflictgebieden is dan voor het Israëlisch-Palestijns conflict. Dit verklaart ook waarom er een door de Palestijnse samenleving geïnitieerde internationale boycotbeweging (BDS) is opgericht die zich in een veel grotere belangstelling mag verheugen dan bewegingen uit de andere gebieden, voorzover die al bestaan. Is het dan hypocriet of zelfs antisemitisch als GroenLinks een motie aanneemt om de geweldloze Palestijnse BDS-beweging en daarmee ook de vrijheid van meningsuiting in Nederland en Europa te beschermen tegen de structurele aanvallen van Israël en haar lobby? Natuurlijk niet. Het ‘ja maar de Westelijke Sahara dan?’ is een drogreden die de aandacht van de inhoud af moet leiden en tegelijkertijd de onwelriekende geur van zogenaamd antisemitisme achter wil laten. Met de in dit artikel uiteengezette inhoudelijke verklaring is die stank zo verdwenen.

 

 

 

 Vond je dit artikel goed? Steun de auteur via Backme

Jan Tervoort

Written by Jan Tervoort

Historicus, stadsgids (Amsterdam, Alkmaar) , zanger, blogger, schrijver

2 comments

  1. “Terwijl de onevenredig grote aandacht voor Israël en het Israëlisch-Palestijns conflict op historische en rationele gronden prima te verklaren is.”

    Dat klopt. De verklaring is anti-semitisme.”

    De grote morele Europese verbondenheid met de staat Israël stuitte na de Zesdaagse Oorlog in 1967, waarin Israël onder andere de Westoever en Gaza veroverde, op een tegenstrijdig en moeilijk punt. Israël werd een militaire bezetter”

    Israël kreeg hierdoor dezelfde positie als Jordanië en Egypte en gedroeg zich ook als een bezetter. Echter zorgde Israël beter voor de inwoners.

    “Onder Egyptisch bewind werd de Gazastrook vanaf 1948 een gesloten kamp. Het werd bijna onmogelijk om Gaza te verlaten. Strenge beperkingen, bijvoorbeeld in werkgelegenheid en onderwijs, werden opgelegd aan de inwoners van Gaza, zowel aan de oorspronkelijke bewoners als aan de vluchtelingen. Iedere avond was er een uitgaansverbod tot het ochtendgloren de volgende dag. De slechte behandeling blijkt ook uit de levensverwachting: toen Israël de Gazastrook bezette in 1967 was de levensverwachting er maar 48 jaar. Na twee decennia was de levensverwachting gestegen naar 72 jaar.”

    “Met gebieden als de Westelijke Sahara, Noord-Cyprus, laat staan Tibet, heeft men in Europa geen enkele diepgaande historische of cultureel-religieuze band. Noch met de mensen die daar wonen.”

    Voor Tibet gaat dit al niet op. Want er zijn elementen in Groen Links die in het verleden hun bewondering voor de daden van China niet onder stoelen en banken stak. Schendingen van mensenrechten (ook in Cambodja) werden ontkend. En dan heb ik het niet over de onderdanige houding tegen het Sovjet communisme.

    “Van 1976 tot 1982 was Rosenmöller lid van de maoïstische Groep Marxisten-Leninisten/Rode Morgen (GML).[1] Tussen 1981 en 1982 was Rosenmöller bovendien bestuurslid bij de GML. De GML streefde naar een communistische staat in Nederland en steunde verschillende communistische regimes in het buitenland. Zo werden bijvoorbeeld de moordpartijen van de Rode Khmer in Cambodja in het partijblad van GML ontkend. In een interview met de Haagse Post verklaarde Rosenmöller in 1979 dat Nederland ook van Mao “ontzettend veel [kan] leren”. Hier voegde Rosenmöller nog aan toe: “Van wat [Mao] geschreven heeft ook. Wat hij in de praktijk heeft gebracht in China – dat is gewoon een voorbeeld, en nog steeds vind ik””

    “Het was allemaal bekend toen Rosenmöller cum suis in 1979 een briefje kregen van het Cambodjaanse ministerie van Buitenlandse Zaken waarin ze hartelijk werden bedankt voor hun ‘militant solidarity and support’. Paul Rosenmöller wist het.”

    “Toen GroenLinks vier weken geleden op zijn congres een motie aannam waarin het BDS als een legitiem middel van verzet van het Palestijnse volk karakteriseerde, waren de onterechte beschuldigingen van antisemitisme weer eens niet van de lucht. ”

    Ten onrechte beschuldigingen?

    “BDS steht mit antisemitischen Schildern vor Berliner Geschäften. Das sind unerträgliche Methoden aus der Nazizeit. Wir werden alles Mögliche tun, BDS Räume und Gelder für seine anti-israelische Hetze zu entziehen” aldus de SPD burgemeester van Berlijn.

    “Op gisteren verschenen videobeelden is te horen hoe deelnemers aan het protest “Khaybar, Khaybar ya yahud, Jaish Muhammad, sa ya’ud” (“Joden, herinner je Khaybar, het leger van Mohammed keert terug“) schreeuwen, een verwijzing naar de Slag bij Khaybar rond het jaar 628. Bij deze slag werd een Joodse stam door het leger van Mohammed uitgeroeid.”

    “Daar komt bij dat het zionisme een Europese politiek-ideologische en culturele beweging is.”

    Een beweging die pas van de grond kwam nadat het Europese deel van de Joden voor een groot deel werd uitgeroeid. Een proces dat voor een deel mogelijk werd gemaakt door de active en/of passieve houding van de autoriteiten van de betrokken landen. Vindt u het vreemd dat de overlevende hun buik vol hadden en hun heil elders zochten. Dit proces werd nog versterkt doordat Joden, die in het Midden-Oosten eeuwenlang als tweede rangs burgers waren behandeld, na de stichting van de staat Israël met pogroms werden geconfronteerd nu wel een alternatief hadden.

  2. Er zijn ontelbare miljarden (omgerekend Euro’s) naar de Palestijnen overgemaakt. En nog steeds is het een shithole country. Waarom zou het ineens beter gaan, als de Palestijnen geheel Israël in bezit kregen? Zijn er landen in die regio, die als lichtend voorbeeld dienen, zodat we maar beter kunnen besluiten om onze kaarten niet meer op Israël te zetten?

    Tibet wordt “pas” sinds 1950 door China overheerst. Is die kortere tijdsspanne een valide reden, om die bezetting dan wel goed te keuren?
    En hoe zou de geweldsspiraal verlopen, als de Tibetanen om de haverklap bomaanslagen pleegden in Peking en Sjanghai?

    Dat Israël beslist niet de moreel zuivere partij zal zijn, wil ik graag geloven. Voor zover er in oorlogstijd al zuivere partijen bestaan.
    Maar Israël steek zowel economisch, als democratisch als in mensenrechten zover boven de ronduit achterlijke Palestijnen uit, dat de keuze niet al te moeilijk kan zijn;
    Kiezen we voor een geavanceerde samenleving, of zetten we ons in om de zoveelste shithole-staat in het zadel te helpen?

    Overigens heeft Wijnand Duyvendak van Groen Links (de man die trekpop Klaver laat bewegen) zich met geweld ingezet voor het afschaffen van het apartheidsregime in Zuid Afrika.
    En zoals het met links gebruikelijk is, het middel bleek erger dan de kwaal.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.